In 2012 startte ik met de aanleg van mijn voedselbos op een bosperceel van 3500 M2. Het bos, nu 8 jaar oud is in mijn ogen daarom nog steeds piepjong en tegelijkertijd één van de meest volwassen voedselbossen in Nederland!
Ik noem het altijd gekscherend het bos van mijn kinderen vanwege de tijd die het kost om een bos te ontwikkelen. Toch heeft het mij verbaasd hoe snel je  een opbrengst krijgt en die wordt met de jaren uiteraard alleen maar groter. 

De bospercelen in Overijssel zijn van oudsher de armste stukken grond. Mijn perceel is daarop geen uitzondering. Gelegen op hele arme zandgrond met een Ph van rond de 4,0 (heel zuur) bij de start.

Inmiddels is het bodemleven een heel stuk verbeterd en zijn alle 7 lagen vanuit het voedselbos principe aangeplant. Er zijn inmiddels meer dan 3.000 verschillende soorten planten, struiken en bomen geplant.

Elk jaar komen daar nog steeds nieuwe soorten bij, vooral in de bodem bedekkende laag.

Naast de bomen, struiken en planten tref je in het voedselbos honingbijen aan. Deze ijverige baasjes zijn niet alleen goed voor de bestuiving, maar leveren ook heerlijke honing.

Ook de kikkers, salamanders krijgen de ruimte. Een kikkerpoel met swales biedt niet alleen het de waterrijke omgeving voor de amfibien, maar levert ook haar bijdrage aan de waterhuishouding van de aanwezige bomen.

Het voedselbos levert voldoende opbrengst om ons gezin te voorzien van fruit en een groot gedeelte van onze groenten. Maar de grootste opbrengst van het bos zijn toch wel de bijzondere ontmoetingen die het oplevert. De mensen die het bos komen bezoeken zijn stuk voor stuk bijzonder, maar ook de (internationale) contacten met gelijkgestemden levert een grote toegevoegde waarde in mijn en ons leven.